Fastfood heeft een enorme mondiale voetafdruk — maar de landbouwnetwerken die die vraag voeden, zijn verbazingwekkend kwetsbaar.
Bergen van aardappelen
Een massaal overaanbod treft aardappeltelers in Noord-Europa en doet de marktprijzen kelderen. Vanuit de Belgische gemeente Walhain komen verontrustende berichten: boeren zitten met historisch grote voorraden aardappelen bestemd voor frietverwerking.
In mei besloot boer Kris D’haeyere zijn volledige oogst gewoon terug op zijn eigen akkers te dumpen. Zijn aardappelberg reikte vijf meter hoog — en weggooien was simpelweg de goedkoopste optie om ervan af te geraken.
De crisis heeft veel telers diep ontmoedigd. “Het is erg, natuurlijk, maar zo is het leven. Ik denk dat de goede jaren voorbij zijn”, verklaarde D’haeyere.
De pijn reikt ver voorbij de Belgische grenzen. Eerder dit jaar deelden wanhopige Duitse boeren maar liefst vier miljoen kilo aardappelen gratis uit aan inwoners van Berlijn, puur om verspilling te vermijden.
Een wereldwijde opstapeling
De problemen hebben diepe wortels. Volgens analysebureau DSA Market Intelligence had zich eind 2025 al een enorm overschot van 3,3 miljoen ton frietaardappelen opgestapeld in België, Frankrijk, Duitsland en Nederland.
Sindsdien is het aanbod alleen maar verder toegenomen. Een combinatie van recordoogsten, nieuwe Amerikaanse invoerheffingen en minder restaurantbezoeken luidde de neergang in.
Geopolitieke spanningen maakten de situatie nog nijpender. Het conflict in Iran leidde tot een blokkade van de Straat van Hormuz, waardoor de kosten voor energie, transport en meststoffen voor Europese boeren fors stegen.
Druk op de markt
Ook buurlanden voelen de druk. Carl D. Heiselberg, voorzitter van de Deense brancheorganisatie Danish Potatoes, liet weten dat lokale telers steeds hardere concurrentie ondervinden van opkomende markten in India en China.
Heiselberg legde uit dat Europese overproductie ertoe dwingt dat tafelaardappelen als goedkoop zetmeel worden verkocht. “Als er overproductie is in Europa, wordt de tafelaardappel als zetmeel verkocht — en dat is in Denemarken niet mogelijk”, aldus de voorzitter. Hij voegde eraan toe: “Dat is wat ons op korte termijn voor uitdagingen stelt.”
Heiselberg wees er ook op dat buitenlandse concurrenten onder veel soepelere regelgeving opereren. “Als mensen daar besluiten aardappelen te willen telen, doen ze dat gewoon. Wij vechten voor vergunningen, terwijl zij er simpelweg mee beginnen”, zei hij.
Ondanks alle chaos op het boerenerf zullen consumenten in de supermarkt weinig verandering merken. Het overschot treft uitsluitend de productie van diepgevroren frietjes, terwijl de prijzen van gewone tafelaardappelen stabiel blijven.













